Amsterdamse advocaten vulden zakken met gesubsidieerde rechtshulp

25-04-2015 11:11

Advocaten van het Amsterdamse kantoor Pontius maakten op grote schaal misbruik van gesubsidieerde rechtshulp. Hun fraude liep in de miljoenen, toch kunnen ze gewoon weer aan het werk. Tot afgrijzen van de sociale advocatuur.

Miljoenen declareerden ze aan gemeenschapsgeld met hun nepprocedures. Toch kwamen de twee oprichters van Pontius Advocaten weg met een onvoorwaardelijke schorsing van drie maanden. Volgende maand kunnen ze de praktijk alweer hervatten.

Onbegrijpelijk, vindt Hein Vogel, voorzitter van de Vereniging Sociale Advocatuur (VSAN): 'Rotte appels dienen te worden verwijderd. Als er inderdaad sprake is geweest van valsheid in geschrifte en oplichting, zouden deze advocaten niet meer tot het systeem toegelaten mogen worden.'

Volgens Mies Westerveld, hoogleraar sociaal verzekeringsrecht aan de UvA, staat Vogels in die mening niet alleen: 'Ik weet dat veel sociale advocaten hier de ziekte over in hebben en ik deel die weerzin. Juist nu de sociale advocatuur onderhandelt over een doelmatige besteding van de beschikbare subsidie, komt zoiets er tussendoor. Dit is koren op op de molen van de mensen die roepen dat het stelsel zo lek is als een mandje en dat alle advocaten zakkenvullers zijn. Maar de overgrote meerderheid van de sociale advocaten loopt zich voor een schamel inkomen het vuur uit de sloffen voor hun cliënten.'

Stagiaires
Pontius Advocaten was tot juni 2011 een 'gezellig, positief kantoor met prettige collega's,' aldus een stagiaire. Maar na een verhuizing in juni 2011 naar de Westerdoksdijk sloeg de sfeer om. 'Duidelijk werd dat de kosten hoog waren. Er werd ook gescholden als duidelijk werd dat je al een paar dagen niets had gedeclareerd.'

Het kantoor draaide voor het meerendeel op gefinancierde rechtshulp voor mensen met lage inkomens. Stagiaires werden opgezweept zo groot mogelijke omzetten te draaien, met minimaal acht declarabele uren per dag. Van goede begeleiding was geen sprake, maar dat maakte niet uit. Het kantoor wilde het liefst zo veel mogelijk zaken verliezen, dan kon er hoger beroep worden aangetekend en meer worden gedeclareerd. Een oud-stagiaire: 'Tegen ieder besluit moesten we bezwaar maken. Als hier geen goede reden voor bestond, moesten we die verzinnen.'

Klachten
In de interne notitie Vrolijk de dag door met al je zaken werden nuttige wenken verstrekt aan de beginnende advocaten. 'Een dag niet gedeclareerd en een dag geen toevoegingen aangevraagd is een niet gedraaide en dus verloren dag. (...) Maak - behalve bij evidente armoedjes - duidelijk dat alleen de zon voor niets opgaat (...) Splits kwesties zo veel mogelijk op in aparte zaken.'

De zaak kwam aan het rollen toen het ministerie van Buitenlandse Zaken bij de Amsterdamse deken opheldering vroeg over het het grote aantal Nederlandse klachten bij het Europees Hof. Veruit de meeste waren afkomstig van Pontius Advocaten, dat vier advocaten en vijf stagiaires telde. Ook de Raad voor Rechtsbijstand rook onraad. Voor elk kantoor geld een plafond van toevoegingszaken. Pontius Advocaten dreigde dat maximum te overschrijden.

Milde straf
In november 2013 besloot de Amsterdamse Orde van Advocaten een eigen onderzoek naar Pontius Advocaten in te stellen. Een steekproef wees uit dat alleen de twee oprichters van het kantoor al goed waren voor tientallen zaken bij het Europees Hof, 'volmaakt kansloze' zaken op het gebied van het vreemdelingen-, straf- en het socialezekerheidsrecht. De advocaten beriepen zich in die zaken op rechten waarop in de eerdere procedures geen beroep was gedaan en die vaak niet eens op de zaak van toepassing waren. Van nadere motivering was nauwelijks sprake. Inhoudelijke correspondentie met cliënten ontbrak.

De Raad voor Discipline oordeelde in februari dat de advocaten het vertrouwen in de advocatuur ernstig schade hebben toegebracht door consequent misbruik te maken van de rechtsbijstand. De raad tilt hier zwaar aan 'nu de gefinancierde rechtshulp ernstig onder druk staat' maar achtte een milde straf op zijn plaats. De advocaten hadden 'enig inzicht getoond in de laakbaarheid van hun handelwijze.'

Toch is daarmee de kous nog niet af, hoopt hoogleraar Westerveld: 'Sociale advocaten dienen hun declaraties in bij de Raad voor de Rechtsbijstand. Dat is de gedupeerde partij. Het is dus aan de Raad om aangifte bij justitie te doen.'

Maar de Raad voor de Rechtsbijstand doet er het zwijgen toe. Een woordvoerder laat weten dat er een onderzoek loopt naar een mogelijke aangifte.

(Door: Henk Schutten)