Blinde en verlamde Joris van de Vliet staat 1 mei op straat

28-04-2015 17:54

Joris van de Vliet uit Amsterdam-Noord had een gezin en een goedlopend klusbedrijf, tot hij een bacteriële infectie opliep. Sindsdien is zijn leven 180 graden gedraaid. Hij is verlamd, blind en moet binnenkort uit zijn tijdelijke onderkomen. Voorrang bij woningtoewijzing? Nee, die is voor echt ernstige gevallen.

media_xl_2952489-1.jpgStapje voor stapje beweegt Joris van de Vliet zich rond het tuinhuisje. Het zandpad is bedekt met houten tegels, maar die liggen zover uit elkaar dat hij met zijn voet soms tussen twee tegels terechtkomt. Pal voor de openslaande deur van het huisje stapt hij behendig het verhoginkje op en eenmaal binnen weet hij op de tast een stoel en een flesje water te vinden.

De veertigjarige Van de Vliet is blind en de afgelopen winter bracht hij door in het huisje in Tuinpark Tuinwijck in Noord. Het was een goede oplossing, zegt Van de Vliet, terwijl de auto's 120 meter verderop over de Ring langs razen. 'Het is alleen jammer dat ik er per 1 mei uit moet. Dan sta ik weer op straat.'

Zo snel kan het gaan dus. Het ene moment had Joris van de Vliet nog een goedlopend timmer- en ­klusbedrijf, het volgende lag hij in het ziekenhuis: verlamd, blind en zonder geheugen. 'Het enige dat nog functioneerde, was mijn gehoor. Ik hoorde de artsen tegen elkaar ­zeggen dat ik nog steeds niet was ­bijgekomen, terwijl ik dus veel ­meekreeg van wat er om mij heen ­gebeurde.'

Het begon allemaal in augustus 2013, vertelt Van de Vliet, die last kreeg van zijn knie. 'Het bleek een bacteriële infectie te zijn die razendsnel om zich heen greep. Toen de huisarts zich meldde aan boord van de boot waarop ik leefde met mijn vrouw en mijn kind, schakelde hij gelijk groot materieel in om me in het ziekenhuis te krijgen. De brandweer heeft me uiteindelijk van de boot moeten takelen.'

Scheiding en restschuld
Het bleek het begin van een lange lijdensweg die nog steeds voortduurt, zegt Van der Vliet. Want in het jaar erna bleek zijn huwelijk niet bestand tegen de nieuwe situatie en mede door de scheiding, maar ook doordat wonen op het water voor hem te risicovol was, werd hij gedwongen zijn boot te verkopen. 'Ik bleef achter met een forse restschuld.'

Gelukkig kon hij via via in het tuinhuisje vlak bij zijn voormalige boot wonen, zegt Van de Vliet. 'Anders was ik echt dakloos geweest. Ik heb een zoon van zeven, die kan nu gelukkig langskomen. Maar de eigenaren van dit huisje willen er vanaf mei weer zelf gebruik van gaan maken.'

Daarnaast kwam hij terecht in een nachtmerrieachtige situatie, zegt hij zelf. 'De artsen liggen met elkaar in de clinch over wat mijn blindheid en de rechtszijdige verlamming die ik nog heb, heeft veroorzaakt. De arbeidsongeschiktheidsverzekering keert niet uit, die zegt dat de oorzaak psychisch is. Maar mijn behandelend arts is van mening dat er lichamelijke oorzaken zijn.'

Arbeidsongeschikt
En ook de Dienst Wonen maakt grote fouten, zegt Van de Vliet. 'Ik kom niet versneld in aanmerking voor een woning omdat ik niet urgent ben. Dat is toch belachelijk? Ik heb alles verloren de afgelopen jaren. Ik kan niet meer werken, ik ben blind. Ik hoef geen enorm aangepast huis, een klein bovenverdiepinkje is ook goed.'

Het heeft vooral te maken met het advies van de GGD, zegt een woordvoerder van de Dienst Wonen. 'Wij gaan daar op af en dat advies was nu eenmaal niet urgent. Wij hebben weinig woningen beschikbaar, er worden daardoor ook minder urgentieverklaringen verstrekt. Wat we hebben, moet beschikbaar zijn voor de echt ernstige gevallen.'

Van de Vliet heeft inmiddels het advies van de Dienst Wonen opgevolgd: hij heeft beroep aangetekend. Maar ondertussen nadert 1 mei razendsnel. Hij is zeer pessimistisch over zijn perspectieven in de nabije weken. 'Ik zal best her en der logeerplaatsen kunnen organiseren, maar dat is toch geen doen zo? Ik kan mijn kind niet ontvangen en bovendien krijg ik zonder vaste verblijfplaats geen uitkering.'